Extra ondersteuning

Niveau 5

Naast de basisondersteuning kan de (reguliere) school extra ondersteuning aan leerlingen bieden. Denk bijvoorbeeld aan een speciaal programma voor kinderen met een taal- spraakachterstand, met een gedragsstoornis of kinderen die laag- of hoogbegaafd zijn (individuele leerlijnen). Meestal gaat het om specialistische begeleiding die door één of enkele scholen in de regio wordt gegeven. De school geeft in het schoolondersteuningsprofiel aan welke extra begeleiding zij kan bieden.

 
Uit het SOT (Schoolondersteuningsteam) kunnen leerlingen naar voren komen, waar meer mee moet gebeuren dan alleen volgen/bespreken. Namelijk leerlingen:
•    Die onderzoek nodig hebben;
•    Die geobserveerd moeten worden (in de klas);
•    Waarbij (teveel) vragen zijn of de in gang gezette interventie(s) goed zijn of voldoende soelaas bieden.

Deze leerlingen komen vervolgens in beeld bij de Schakelfunctionaris van het Opron Expertise Team door verzoeken van de school:
1.    Aanvraag onderzoek/observatie, of
2.    Aanvraag Opron Arrangement (niveau 5 extra ondersteuning in het regulier onderwijs,) of
3.    Aanvraag voor een verwijzing SBO/SO.

 

Schoolondersteuningsteam (SOT)

Elke OPRON-school heeft een schoolondersteuningsteam (SOT) voor de ondersteuning van leraren en voor het, zo nodig, inroepen van in- of externe expertise. Het SOT bestaat in elk geval uit de IB-er en de directeur. Bij de besprekingen van leerlingen zijn in elk geval de leraar en de ouders betrokken. Het betreft leerlingen binnen de basisondersteuning met kort- of langdurende interventies. Drie maal per jaar neemt de orthopedagoog van het Opron Expertise Team (OET) deel aan het overleg. Op afroep kunnen externen aan het overleg deelnemen. Het SOT beslist over verzoeken voor interventies en bereidt benodigde dossiervorming voor.